Klinisch dood betekent dat hart en ademhaling zijn gestopt; met snelle reanimatie is dat soms nog omkeerbaar. Hersendood betekent dat alle hersenfuncties, ook die van de hersenstam, blijvend zijn uitgevallen; wie volgens het hersendoodprotocol hersendood is verklaard, is wettelijk overleden. Natuurlijke dood gaat over de oorzaak: overlijden door ziekte of ouderdom. In Nederland stelt altijd een arts de dood vast; bij een niet-natuurlijke dood of twijfel schakelt die de gemeentelijke lijkschouwer in, die de officier van justitie informeert.
Ook gezocht als: klinisch dood betekenis, wat is klinisch dood, hersendood betekenis, wat is hersendood, hersendood vaststellen, natuurlijke dood betekenis, niet-natuurlijke dood, wie stelt de dood vast, verklaring van overlijden, lijkschouw, gemeentelijke lijkschouwer, forensisch arts, wanneer ben je officieel dood.
Welk nummer belt u? 085-0048099, dag en nacht. U wordt automatisch doorverbonden met het team van onze vaste uitvaartpartner. Een crematie grotendeels zelf regelen kan vanaf circa €800; losse onderdelen zoals ophalen, koeling of de kist verzorgt het team ook. Alles laten regelen kan met vaste samenstellingen zonder apart basistarief: een crematie vanaf €1.750, een begrafenis vanaf €3.900 inclusief een algemeen graf voor tien jaar.
- Klinisch dood: hart en ademhaling gestopt, met reanimatie soms nog omkeerbaar.
- Hersendood: alle hersenfuncties blijvend uitgevallen; vastgesteld volgens een wettelijk protocol en juridisch overleden.
- Natuurlijke dood: overlijden door ziekte of ouderdom; de arts geeft een verklaring van overlijden af.
- Niet-natuurlijke dood: ongeval, zelfdoding, misdrijf of euthanasie; de gemeentelijke lijkschouwer komt erbij.
- Wie stelt de dood vast: altijd een arts, thuis meestal de huisarts of de huisartsenpost.
“Hij was even klinisch dood.” “Ze is hersendood verklaard.” “De arts twijfelde of het een natuurlijke dood was.” Zulke zinnen hoort u in het ziekenhuis, op het nieuws of in uw eigen familie. Maar wat betekenen ze precies, en wanneer is iemand nu echt overleden?
In dit artikel legt RouwUitvaart.nl de begrippen helder en rustig uit: klinisch dood, hersendood, de dood na circulatiestilstand, natuurlijke en niet-natuurlijke dood. U leest wie de dood vaststelt, wat de schouwarts en de gemeentelijke lijkschouwer doen, en wat dit betekent voor nabestaanden en voor de uitvaart. De uitleg is gebaseerd op de Nederlandse wetgeving en op informatie van onder meer de Transplantatiestichting, het Openbaar Ministerie en de KNMG.
Wat is het verschil tussen klinisch dood, hersendood en natuurlijke dood?
Klinisch dood betekent dat hart en ademhaling zijn gestopt, wat met reanimatie soms nog omkeerbaar is; hersendood betekent dat alle hersenfuncties blijvend zijn uitgevallen, en dan is iemand wettelijk overleden; natuurlijke dood zegt niets over het moment, maar over de oorzaak: overlijden door ziekte of ouderdom.
De drie begrippen worden vaak door elkaar gebruikt, maar ze beantwoorden verschillende vragen. Klinisch dood en hersendood gaan over de toestand van het lichaam: is iemand nog te redden, en wanneer is het leven echt voorbij? Natuurlijke en niet-natuurlijke dood gaan over de oorzaak: overleed iemand door ziekte, of door iets van buitenaf?
- Klinisch dood: hart en ademhaling staan stil, iemand is buiten bewustzijn. Zonder hulp volgt binnen enkele minuten blijvende schade. Met reanimatie kan iemand soms terugkomen.
- Hersendood: de hersenen, inclusief de hersenstam, werken blijvend niet meer. Het hart kan nog kloppen doordat een machine de ademhaling overneemt, maar iemand is wettelijk overleden.
- Dood na circulatiestilstand: het hart is definitief gestopt en wordt niet meer op gang gebracht. Dit is de manier waarop de meeste mensen overlijden.
- Biologische dood: het geleidelijk afsterven van alle cellen en weefsels na het overlijden, met zekere tekenen als lijkvlekken en lijkstijfheid.
- Natuurlijke dood: overlijden als gevolg van een ziekte of ouderdom.
- Niet-natuurlijke dood: overlijden door een ongeval, zelfdoding, een misdrijf of een andere oorzaak van buitenaf. Ook euthanasie valt juridisch onder de niet-natuurlijke dood.
Hieronder leggen we elk begrip rustig uit, en wat het betekent voor nabestaanden en voor de uitvaart.
Wat betekent klinisch dood?
Klinisch dood is iemand bij wie hart en ademhaling zijn gestopt en die buiten bewustzijn is; dat is nog niet de definitieve dood, want met snelle reanimatie en een AED kan het hart soms weer op gang komen, maar na enkele minuten zonder zuurstof raken de hersenen blijvend beschadigd.
Wie klinisch dood is, lijkt overleden: geen hartslag, geen ademhaling, geen reactie. Toch is er dan nog een kort moment waarin het leven terug kan komen. Daarom is snel handelen bij een hartstilstand zo belangrijk: 112 bellen, reanimeren en een AED gebruiken. Volgens het St. Antonius Ziekenhuis kan hersenweefsel na 5 tot 6 minuten zonder reanimatie al beschadigd raken of afsterven.
Klinisch dood is geen juridisch begrip. Het is een medische beschrijving van een toestand. Pas als reanimatie niet meer zinvol is en een arts de dood vaststelt, is iemand werkelijk overleden. Hoe een hartstilstand verschilt van een hartinfarct, leest u bij hartstilstand of hartinfarct; wat naasten kunnen doen rond een reanimatie, staat bij overlijden, reanimeren en de rol van nabestaanden.
Teruggekomen uit de klinische dood
Een deel van de mensen die na een hartstilstand worden gereanimeerd, vertelt achteraf over bijzondere ervaringen: een gevoel van vrede, een tunnel, een licht of ontmoetingen met overleden dierbaren. Volgens het onderzoek van de Nederlandse cardioloog Pim van Lommel in het tijdschrift The Lancet ging het om ongeveer 18 procent van de overlevenden van een hartstilstand. Meer daarover leest u bij de bijna-doodervaring.
Wat is hersendood en hoe wordt die vastgesteld?
Hersendood is het volledige en blijvende uitvallen van alle functies van de grote hersenen, de hersenstam en het verlengde merg; in Nederland wordt dat vastgesteld volgens een wettelijk hersendoodprotocol, en wie hersendood is verklaard, is juridisch overleden, ook als het hart door de beademing nog klopt.
Hersendood komt alleen voor bij patiënten op de intensive care die beademd worden, meestal na zeer ernstig hersenletsel door een hersenbloeding, een herseninfarct, een ongeval of zuurstoftekort. De machine houdt de ademhaling gaande, waardoor het hart blijft kloppen en de huid warm aanvoelt. Voor familie is dat vaak verwarrend: iemand lijkt te slapen, maar is overleden.
Het hersendoodprotocol
De manier waarop hersendood wordt vastgesteld, ligt vast in het Hersendoodprotocol, dat is gebaseerd op de Wet op de orgaandonatie en een advies van de Gezondheidsraad. Volgens de Nederlandse Transplantatiestichting bestaat het protocol uit vijf stappen:
- Voorwaarden: de oorzaak van het hersenletsel is bekend, dodelijk en niet te behandelen, en er zijn geen omkeerbare oorzaken zoals vergiftiging, onderkoeling of een ernstige stofwisselingsstoornis.
- Medicijnen uitsluiten: er wordt vastgesteld dat medicijnen de uitslag van de testen niet kunnen vertekenen.
- Neurologisch onderzoek: artsen testen reflexen en functies van de hersenen en de hersenstam. Is daarvan nog iets geheel of gedeeltelijk aanwezig, dan is er geen hersendood.
- Aanvullend onderzoek van de grote hersenen: met een EEG, een transcranieel doppleronderzoek of een CT-angiografie wordt gekeken of er nog hersenactiviteit of doorbloeding is.
- De apneutest: er wordt aangetoond dat iemand niet meer zelf ademt, ook niet als de prikkel om te ademen sterk is.
Pas als alle stappen zijn doorlopen, wordt het hersendoodformulier ingevuld en ondertekend. Daarmee is de patiënt juridisch overleden verklaard. Volgens de Transplantatiestichting gelden voor kinderen jonger dan 1 jaar andere criteria. Volgens de Wet op de orgaandonatie mag de arts die de dood vaststelt niet betrokken zijn bij het uitnemen of transplanteren van organen. Zo blijven de zorg voor de patiënt en een mogelijke donatie strikt gescheiden.
Hersendood is iets heel anders dan een coma of een vegetatieve toestand. Bij een coma werken delen van de hersenen nog, en kan iemand soms herstellen. Bij hersendood is herstel uitgesloten.
Wat is de dood na een circulatiestilstand?
De meeste mensen overlijden doordat het hart definitief stopt en de bloedsomloop niet meer op gang komt; dat heet de dood na circulatiestilstand, en ook daarna is orgaandonatie soms mogelijk, na een vaste wachttijd waarin niemand aan het lichaam komt.
Bij een overlijden thuis, in een verpleeghuis of in een hospice stopt eerst de ademhaling en kort daarna het hart. Er wordt niet gereanimeerd, omdat het overlijden verwacht was of omdat iemand dat zelf niet wilde. De arts stelt de dood dan vast aan de hand van het ontbreken van hartslag, ademhaling en reacties, en later aan zekere tekenen van de dood.
Op de intensive care kan het ook zo gaan: als verdere behandeling geen zin meer heeft, wordt de beademing gestopt en stopt het hart. Als iemand donor wilde zijn, kan dan donatie na circulatiestilstand plaatsvinden. Volgens de Nederlandse Transplantatiestichting volgt na het stilvallen van het hart eerst een observatieperiode van vijf minuten, waarin geen handelingen plaatsvinden en de naasten afscheid kunnen nemen. Pas daarna wordt de dood vastgesteld en kan de donatie beginnen. Meer daarover leest u bij orgaan- en weefseldonatie bij overlijden.
Zekere tekenen van de dood
Na het overlijden verschijnen in het lichaam vaste kenmerken die laten zien dat de dood onomkeerbaar is: lijkvlekken op de laagst liggende delen van het lichaam, lijkstijfheid in de spieren en afkoeling. Deze zekere tekenen spelen een rol bij de schouw door de arts. Waarom vergissingen tegenwoordig vrijwel uitgesloten zijn, staat bij hoe vaak schijndood voorkomt. Wat er verder in het lichaam gebeurt, leest u bij het lichaam na overlijden.
Wie stelt de dood vast?
In Nederland stelt altijd een arts de dood vast: bij een overlijden thuis meestal de huisarts of de huisartsenpost, in het ziekenhuis of verpleeghuis een arts van de instelling; die arts schouwt het lichaam en geeft bij een natuurlijke dood een verklaring van overlijden af.
Alleen een arts mag officieel vaststellen dat iemand is overleden. Een verpleegkundige of een ambulancemedewerker kan zien dat iemand gestorven is, maar de formele vaststelling en de verklaring komen van een arts. Na een overlijden thuis belt u daarom de huisarts, of buiten kantoortijd de huisartsenpost. Wat u verder moet doen, staat bij overlijden thuis: wat te doen.
De schouw
De arts onderzoekt het lichaam uitwendig: dat heet de lijkschouw. Hij stelt vast dat de dood is ingetreden en beoordeelt of het om een natuurlijke dood gaat. Volgens de Wet op de lijkbezorging is dat in eerste instantie de taak van de behandelend arts, die de overledene en zijn ziektegeschiedenis kent. Wat een schouwarts precies doet, leest u bij de schouwarts.
Twee formulieren
Is de arts overtuigd van een natuurlijke dood, dan vult hij de verklaring van overlijden in. Die is nodig voor de aangifte van het overlijden bij de gemeente en voor toestemming om te begraven of te cremeren. Daarnaast vult de arts een vertrouwelijke doodsoorzaakverklaring in. Die gaat naar het CBS, dat de gegevens volgens het CBS anoniem verwerkt voor de doodsoorzakenstatistiek. De aangifte bij de gemeente doet meestal de uitvaartverzorger namens de familie.
Overlijdt iemand in het ziekenhuis, een verpleeghuis of een hospice, dan regelt de instelling de vaststelling door een eigen arts. Zie ook overlijden in het ziekenhuis en overlijden in een verzorgingshuis.
Wat is een natuurlijke dood?
Een natuurlijke dood is een overlijden als gevolg van een ziekte of ouderdom, zonder invloed van buitenaf; de behandelend arts stelt dat vast bij de schouw, en daarna kan de uitvaart zonder verdere tussenkomst van justitie doorgaan.
Bij de meeste overlijdens in Nederland gaat het om een natuurlijke dood: iemand overlijdt aan kanker, hart- en vaatziekten, dementie, een longziekte of simpelweg aan ouderdom. Het overlijden kan verwacht zijn, na een lange ziekte, of plotseling, bijvoorbeeld door een hartstilstand. Ook een onverwacht overlijden kan dus een natuurlijke dood zijn, zolang de oorzaak in het lichaam zelf ligt. Welke oorzaken het meest voorkomen, leest u bij de doodsoorzaken in Nederland.
Kent de arts de overledene en past het overlijden bij de ziektegeschiedenis, dan kan hij de verklaring van overlijden meestal direct afgeven. Kent hij de overledene niet, bijvoorbeeld bij een arts van de huisartsenpost, dan informeert hij vaak eerst bij de eigen huisarts of de familie. Twijfelt de arts, dan mag hij geen verklaring afgeven. Dat is geen beschuldiging, maar een wettelijke zorgvuldigheidsstap.
Ook bij palliatieve sedatie gaat het om een natuurlijke dood. De sedatie verlicht het lijden in de laatste fase, maar de ziekte is de oorzaak van het overlijden. Bij euthanasie is dat anders, zoals hieronder uitgelegd. Het verschil leest u bij palliatieve sedatie en euthanasie: het verschil.
Wat gebeurt er bij een niet-natuurlijke dood?
Bij een niet-natuurlijke dood, of als de arts twijfelt, schakelt de arts de gemeentelijke lijkschouwer in, een forensisch arts van de GGD; die schouwt het lichaam en meldt het overlijden aan de officier van justitie, die beslist of er verder onderzoek nodig is en wanneer de uitvaart kan doorgaan.
Een niet-natuurlijke dood is een overlijden dat geheel of gedeeltelijk wordt veroorzaakt door iets van buitenaf: een verkeersongeval, een val, een verdrinking, een vergiftiging, zelfdoding of een misdrijf. Ook als iemand overlijdt aan de gevolgen van een ongeval dat lang geleden gebeurde, kan het om een niet-natuurlijke dood gaan.
De rol van de gemeentelijke lijkschouwer
Volgens de Wet op de lijkbezorging mag een arts die niet overtuigd is van een natuurlijke dood geen verklaring van overlijden afgeven. Hij moet dan direct de gemeentelijke lijkschouwer inschakelen. Is ook die niet overtuigd van een natuurlijke dood, dan stuurt hij zijn verslag naar de officier van justitie. De politie kan dan een onderzoek instellen. Soms volgt een gerechtelijke sectie; daarover leest u meer bij obductie en gerechtelijke sectie. Pas als de officier van justitie toestemming geeft, kan de uitvaart doorgaan. Meer over de praktische kant staat bij overlijden door een ongeval of niet-natuurlijke dood.
Euthanasie en hulp bij zelfdoding
Bij euthanasie meldt de arts het overlijden volgens het Openbaar Ministerie direct bij de gemeentelijke lijkschouwer, omdat het juridisch om een niet-natuurlijke dood gaat. De lijkschouwer controleert de stukken en stuurt ze door naar de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie, die beoordeelt of de arts zorgvuldig heeft gehandeld. Voor de familie verloopt dit meestal rustig en zonder vertraging van de uitvaart. Zie ook wat te doen bij euthanasie.
Bij kinderen
Overlijdt een minderjarige, dan overlegt de behandelend arts volgens de richtlijn van de artsenfederatie KNMG altijd met de gemeentelijke lijkschouwer. Dat is een vaste zorgvuldigheidsstap en geen teken van verdenking. Steun bij het verlies van een kind vindt u bij wat te doen bij het overlijden van een kind.
Een niet-natuurlijke dood is voor nabestaanden extra zwaar: naast het verlies komen er onderzoek, vragen en wachten bij. Na een zelfdoding vindt u steun en praktische informatie bij wat te doen na een zelfdoding.
Wat betekenen deze begrippen voor nabestaanden en de uitvaart?
Voor nabestaanden is vooral belangrijk dat een arts de dood heeft vastgesteld en een verklaring van overlijden heeft afgegeven, of bij een niet-natuurlijke dood dat de officier van justitie toestemming heeft gegeven; daarna kan het lichaam worden verzorgd en kan de uitvaart worden voorbereid.
Zolang de arts de dood niet heeft vastgesteld, gebeurt er verder niets met het lichaam. Daarna mag het lichaam worden verzorgd en opgebaard, thuis of in een uitvaartcentrum. Bij een niet-natuurlijke dood moet u soms even wachten tot justitie toestemming geeft; dat kan de planning van de uitvaart iets verschuiven. Binnen welke termijn een begrafenis of crematie plaatsvindt, leest u bij binnen hoeveel dagen de uitvaart moet zijn.
Bij een hersendode dierbare op de intensive care is het afscheid vaak bijzonder moeilijk. Het hart klopt nog, de borstkas gaat op en neer door de beademing, en toch is iemand overleden. Artsen en verpleegkundigen nemen de tijd om dit uit te leggen en om afscheid te nemen, ook als er een orgaandonatie volgt.
Over de kosten van een uitvaart hoeft u niet te raden. Via onze vaste uitvaartpartner is een crematie mogelijk vanaf €1.750 en een begrafenis vanaf €3.900. Wat er bij elke samenstelling hoort, ziet u bij wat een uitvaart kost: de voorbeelden. De eerste stappen na een overlijden staan bij wat te doen bij overlijden. Belt u ons, dan wordt u automatisch doorverbonden met het team van onze vaste uitvaartpartner, dat uw vragen beantwoordt en, als u dat wilt, de uitvaart in gang zet bij een uitvaartverzorger bij u in de buurt.
Veel mensen houden na zo’n overlijden ook grotere vragen over: waar is mijn dierbare nu? Wat de verschillende geloven en levensbeschouwingen daarover zeggen, leest u bij wat er na de dood met je ziel gebeurt.
Veelgestelde vragen
De meest gestelde vragen over klinisch dood, hersendood en natuurlijke dood, kort beantwoord.
Klinisch dood betekent dat hart en ademhaling zijn gestopt; met snelle reanimatie kan iemand soms nog terugkomen. Hersendood betekent dat alle hersenfuncties, inclusief de hersenstam, blijvend zijn uitgevallen. Het hart kan dan nog kloppen door de beademing, maar herstel is uitgesloten en iemand is wettelijk overleden. Klinisch dood is dus nog niet definitief.
Nee, niet per se. Klinisch dood is een medische beschrijving van iemand bij wie hart en ademhaling zijn gestopt. Met snelle reanimatie en een AED kan het hart soms weer op gang komen. Lukt dat niet en stelt een arts de dood vast, dan is iemand werkelijk overleden. Klinisch dood is geen juridisch begrip.
Ja. In Nederland is iemand die volgens het wettelijke hersendoodprotocol hersendood is verklaard, juridisch overleden. Het hart kan nog kloppen en de huid voelt warm, omdat een machine de ademhaling overneemt. Maar de hersenen, inclusief de hersenstam, werken blijvend niet meer. Dat is iets anders dan een coma, waaruit herstel soms mogelijk is.
Volgens de Nederlandse Transplantatiestichting gebeurt dat in vijf stappen: vaststellen dat de oorzaak bekend en onbehandelbaar is, medicijnen als storende factor uitsluiten, neurologisch onderzoek van hersenen en hersenstam, aanvullend onderzoek met een EEG, doppler of CT-angiografie, en een apneutest. Pas daarna wordt het hersendoodformulier ondertekend en is iemand juridisch overleden.
In Nederland stelt altijd een arts de dood vast. Bij een overlijden thuis is dat meestal de huisarts of de huisartsenpost, in een ziekenhuis, verpleeghuis of hospice een arts van de instelling. De arts schouwt het lichaam, beoordeelt of het om een natuurlijke dood gaat en vult bij een natuurlijke dood de verklaring van overlijden in.
Een natuurlijke dood is een overlijden als gevolg van een ziekte of ouderdom, zonder invloed van buitenaf. Ook een plotseling overlijden, bijvoorbeeld door een hartstilstand, kan een natuurlijke dood zijn. De behandelend arts stelt dat vast bij de schouw en geeft een verklaring van overlijden af, waarna de uitvaart zonder tussenkomst van justitie doorgaat.
Een niet-natuurlijke dood is een overlijden dat geheel of gedeeltelijk wordt veroorzaakt door iets van buitenaf, zoals een ongeval, een val, een vergiftiging, zelfdoding of een misdrijf. Ook euthanasie valt juridisch onder de niet-natuurlijke dood. De arts schakelt dan de gemeentelijke lijkschouwer in, die het overlijden meldt aan de officier van justitie.
De gemeentelijke lijkschouwer is een forensisch arts, vaak van de GGD. Hij schouwt het lichaam als de behandelend arts niet overtuigd is van een natuurlijke dood, bij euthanasie en bij het overlijden van een kind. Bij twijfel of een niet-natuurlijke dood meldt hij het aan de officier van justitie, die beslist over verder onderzoek.
Nee, juridisch valt euthanasie onder de niet-natuurlijke dood. Volgens het Openbaar Ministerie meldt de arts het overlijden direct bij de gemeentelijke lijkschouwer. Die controleert de stukken en stuurt ze naar de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie. Bij palliatieve sedatie is wel sprake van een natuurlijke dood, omdat de ziekte de oorzaak van het overlijden is.
Na een niet-natuurlijke dood kan de uitvaart pas doorgaan als de officier van justitie toestemming geeft. Soms gebeurt dat snel, soms volgt eerst politieonderzoek of een gerechtelijke sectie. Dat kan de planning van de uitvaart verschuiven. De uitvaartverzorger houdt contact met de betrokken instanties en houdt de familie op de hoogte.
Bronnen
De uitleg is gebaseerd op Nederlandse wetgeving en op informatie van medische en overheidsinstanties; hieronder staan de geraadpleegde bronnen.
- Wet op de lijkbezorging
- Wet op de orgaandonatie
- Hersendoodprotocol (Staatsblad)
- Gezondheidsraad
- Nederlandse Transplantatiestichting
- Openbaar Ministerie
- KNMG, richtlijn lijkschouw
- CBS, doodsoorzakenstatistiek
- GGD
- St. Antonius Ziekenhuis
- Pim van Lommel e.a., onderzoek in The Lancet
Meer weetjes over afscheid en de dood
Deze uitleg hoort bij een reeks over gebruiken, geloof en vragen rond de dood; hieronder vindt u de andere delen.
- Wat is een absoute? Betekenis in de uitvaartmis
- Hoe lang duurt een uitvaartdienst in de kerk?
- Wat gebeurt er na de dood met je ziel? Zeven visies
- 21 gram ziel: het verhaal, de kritiek en het geloof
- Bijna-doodervaring: wat mensen zien en wat we weten
- Vlag halfstok bij overlijden: regels en rouwvlaggen
- Waarom loopt iemand voor de rouwauto uit?
- Baarkleed op de kist en kist open of dicht
- Waarom zwart dragen op een uitvaart? Rouwkleding
- Oversterfte in Nederland: uitleg, meting en oorzaken
- Zand op de kist gooien: betekenis en gebruiken
- Oude rouwgebruiken: spiegels, klok en gordijnen
- Voeten vooruit gedragen: waarom de kist zo gaat
- Waarom liggen graven naar het oosten gericht?
- Steentjes, munten en bloemen op een graf: betekenis
- Vinger in het stopcontact: is stroom dodelijk?
- Kun je onsterfelijk worden? Wat de wetenschap zegt
- Schijndood: hoe vaak komt het echt voor?
Is er net iemand overleden?
RouwUitvaart.nl is een landelijk informatie- en verwijsplatform. De uitvaart zelf wordt verzorgd door een uitvaartverzorger bij u in de buurt, via onze vaste uitvaartpartner. Belt u ons, dan wordt u automatisch doorverbonden met het team van onze vaste uitvaartpartner, dat uw vragen beantwoordt en, als u dat wilt, de uitvaart in gang zet. Het team spreekt Nederlands en Engels.
Achter elk van deze begrippen staat een mens en een familie die afscheid neemt. Hoe het overlijden ook verliep, plotseling of verwacht, op de intensive care of thuis: neem de tijd om te begrijpen wat er gebeurd is, en stel gerust al uw vragen aan de arts.
Team RouwUitvaart.nl











