Overlijden door een ongeval of niet-natuurlijke dood
Bij een vermoeden van een niet-natuurlijke dood — een ongeval, geweld, zelfdoding of onduidelijke oorzaak — schakelt de arts een forensisch arts (gemeentelijk lijkschouwer) in. Deze onderzoekt het lichaam en rapporteert aan de officier van justitie, die beslist of het lichaam wordt vrijgegeven of dat verder onderzoek nodig is, eventueel een gerechtelijke sectie. Zolang het lichaam niet is vrijgegeven, kan de uitvaart niet plaatsvinden — ook niet binnen de normale wettelijke termijn van 36 uur tot 6 werkdagen.
Naast het verlies van uw dierbare komt er bij een ongeval of niet-natuurlijke dood nog een extra laag bovenop: onderzoek, onzekerheid en wachten op antwoorden. Dat kan voelen als nog een keer machteloos zijn, precies op het moment dat u juist iets wilt kunnen doen.
RouwUitvaart.nl is het landelijke, onafhankelijke informatiepunt voor nabestaanden. Hieronder leggen we uit hoe het forensisch onderzoek werkt, wat dit betekent voor de uitvaart, en wat u in de tussentijd al wel kunt voorbereiden.
Hoe verloopt forensisch onderzoek na overlijden?
Eerste beoordeling door de arts
De behandelend arts of huisarts beoordeelt of er aanwijzingen zijn voor een niet-natuurlijke dood. Bij twijfel of een vermoeden hiervan geeft de arts geen verklaring van natuurlijk overlijden af, maar schakelt een gemeentelijk lijkschouwer in.
Onderzoek door de forensisch arts
De forensisch arts onderzoekt het lichaam, kijkt naar letsel en omstandigheden, en kan in samenwerking met de politie de plek van overlijden onderzoeken. Soms wordt bloed of urine afgenomen voor verder onderzoek.
Beslissing van de officier van justitie
Op basis van de bevindingen beslist de officier van justitie: bij een duidelijk ongeval of zelfdoding zonder verdere aanwijzingen volgt meestal een "verklaring van geen bezwaar" en kan de uitvaart in gang worden gezet. Bij een vermoeden van een misdrijf volgt een gerechtelijke sectie.
Vrijgave en de uitvaart
Zodra het lichaam is vrijgegeven, kan de uitvaartbegeleider het ophalen en verzorgen. Pas vanaf dit moment loopt de gewone procedure: aangifte bij de gemeente, verlof tot begraven of cremeren, en de uitvaart zelf.
Wat kunt u alvast doen, ook al kan de uitvaart nog niet plaatsvinden?
Het wachten op vrijgave kan dagen tot soms weken duren. Dat voelt machteloos, maar er is wel degelijk al wat u kunt voorbereiden, zodat alles sneller kan gaan zodra het lichaam wordt vrijgegeven.
- Schakel, als u dat wilt, alvast een uitvaartbegeleider in om mee te denken over de uitvaartvorm
- Bespreek met familie of er voorkeuren zijn over begraven of cremeren
- Verzamel praktische gegevens: identiteitsbewijs, BSN, eventuele verzekeringspapieren
- Vraag bij uw contactpersoon (politie of forensisch maatschappelijk werker) naar de verwachte tijdlijn
- Zoek, indien nodig, contact met slachtofferhulp of een rouwbegeleider voor steun in deze periode
Een forensisch maatschappelijk werker of de politie kan u doorgaans een inschatting geven van de te verwachten duur, ook al is dit nooit met zekerheid te zeggen.
Vragen over een niet-natuurlijke dood
Een overlijden door een ongeval, geweld, zelfdoding, een medische fout of een andere oorzaak dan ziekte of ouderdom. Bij twijfel schakelt de arts een gemeentelijk lijkschouwer in.
Een forensisch arts (gemeentelijk lijkschouwer). Bij een vermoeden van een misdrijf kan de officier van justitie een gerechtelijke sectie laten uitvoeren door het NFI.
Dit verschilt sterk. Bij een duidelijk ongeval kan vrijgave snel volgen; bij vermoeden van een misdrijf kan het langer duren, al wordt het lichaam vaak eerder vrijgegeven dan het definitieve sectierapport klaar is.
Ja. Zolang het lichaam niet is vrijgegeven, kan van de normale wettelijke termijn worden afgeweken; de uitvaart kan pas na vrijgave plaatsvinden.
Nee, bij een gerechtelijke sectie legt de officier van justitie beslag op het lichaam zonder toestemming van de nabestaanden te vragen.
Dit verschilt per situatie en wordt bepaald in overleg met politie of officier van justitie. Vraag dit na bij uw contactpersoon.
Ja, dat wordt vaak aangeraden. Een begeleider kan alvast meedenken en voorbereiden, ook al kan de uitvaart zelf nog niet plaatsvinden.
