Regels begrafenis en uitvaart: wat moet en wat mag | RouwUitvaart.nl
Overzicht van de regels

Regels begrafenis en uitvaart: wat moet en wat mag?

De wet legt bij een begrafenis maar een paar dingen vast: de termijn, de papieren, de begraafplaats, een kist of omhulsel en de grafrust. Veel van de rest kiest u zelf, binnen de regels van de begraafplaats. Hier leest u wat verplicht is, wat vrij is en wie er beslist.

Direct antwoord

Voor een begrafenis in Nederland legt de Wet op de lijkbezorging maar een paar dingen vast. De begrafenis vindt niet eerder plaats dan 36 uur en uiterlijk op de zesde werkdag na het overlijden (artikel 16 Wet op de lijkbezorging). Er is een verklaring van overlijden van een arts nodig (bij een niet-natuurlijke dood een verklaring van geen bezwaar van de officier van justitie), het overlijden wordt aangegeven bij de gemeente en de ambtenaar van de burgerlijke stand geeft verlof tot begraven. Begraven gebeurt op een begraafplaats, in een kist of een ander omhulsel, en een graf wordt volgens de wet de eerste tien jaar niet geruimd. Veel is vrij: een uitvaartondernemer is niet verplicht, en de ceremonie, de dragers en het aantal gasten kiest u zelf, binnen de huisregels van de begraafplaats of de zaal. Over de uitvaart beslist in de eerste plaats de wens van de overledene. Moet de begrafenis nu geregeld worden? Bel dag en nacht 085-0048099: u wordt automatisch doorverbonden met het team van onze vaste uitvaartpartner, dat uw vragen beantwoordt en, als u dat wilt, de uitvaart in gang zet bij een uitvaartverzorger bij u in de buurt.

Vaste prijzen zonder apart basistarief. Vaste samenstellingen: crematie vanaf €1.750, begrafenis vanaf €3.900 inclusief algemeen graf. Een crematie zelf regelen kan vanaf circa €800; losse diensten, zoals een complete opbaring, kunnen erbij.

Ook gezocht als: regels uitvaart, regels begrafenis, wet op de lijkbezorging, wat is verplicht bij een begrafenis, met hoeveel mensen mag je bij een begrafenis.

In het kort
  • Termijn: niet eerder dan 36 uur en uiterlijk op de zesde werkdag na het overlijden (artikel 16 Wet op de lijkbezorging).
  • Verplicht zijn een verklaring van overlijden, de aangifte bij de gemeente en een verlof tot begraven van de ambtenaar van de burgerlijke stand.
  • Begraven gebeurt op een begraafplaats, in een kist of een ander omhulsel van afbreekbaar materiaal; het graf blijft volgens artikel 31 Wet op de lijkbezorging minstens tien jaar ongemoeid.
  • Vrij zijn onder meer de uitvaartondernemer, de ceremonie, het vervoer, de dragers en het aantal gasten; begraafplaats en zaal hebben hun eigen huisregels.
  • Een eenvoudige begrafenis zonder nabestaanden kost in een vaste samenstelling vanaf €3.900, inclusief een algemeen graf voor circa tien jaar.
Het wettelijk kader

Wat de wet verplicht bij een begrafenis en uitvaart

De Wet op de lijkbezorging, het Besluit op de lijkbezorging en het Burgerlijk Wetboek verplichten bij een begrafenis zes dingen: een vaste termijn, een verklaring van overlijden, de aangifte bij de gemeente, een verlof tot begraven, een begraafplaats en een kist of ander omhulsel; daarnaast beschermt de wet het graf de eerste tien jaar.

De Wet op de lijkbezorging regelt wat er met het lichaam van een overledene gebeurt. Volgens artikel 1 van die wet gebeurt dat door begraving, crematie of een andere wijze die de wet toelaat. De wet legt vooral de randvoorwaarden vast en zegt weinig over hoe het afscheid eruitziet. De belangrijkste regel is de termijn: volgens artikel 16 van de Wet op de lijkbezorging vindt de begraving niet eerder plaats dan 36 uur na het overlijden en uiterlijk op de zesde werkdag erna. Volgens artikel 17 van dezelfde wet kan de burgemeester, na een arts te hebben gehoord, een andere termijn stellen; eerder dan 36 uur kan alleen in overeenstemming met de officier van justitie. Hoe u de dagen telt en wat er gebeurt bij uitstel, leest u op binnen hoeveel dagen een uitvaart moet plaatsvinden. Daarnaast vraagt de wet om een paar papieren, die de uitvaartverzorger meestal voor u regelt, en om een vaste plek in de grond.

  • Niet eerder dan 36 uur en uiterlijk op de zesde werkdag begraven (artikel 16 Wet op de lijkbezorging).
  • Een verklaring van overlijden van de behandelend arts of de gemeentelijke lijkschouwer (artikel 7 Wet op de lijkbezorging).
  • Aangifte van het overlijden bij de gemeente waar iemand is overleden (artikelen 19f en 19h Boek 1 Burgerlijk Wetboek).
  • Een schriftelijk verlof tot begraven van de ambtenaar van de burgerlijke stand (artikel 11 Wet op de lijkbezorging).
  • Begraven op een begraafplaats (artikel 23 Wet op de lijkbezorging).
  • Een kist of een ander omhulsel dat op begraven is afgestemd (artikel 3 Besluit op de lijkbezorging).
  • Geen ruiming van het graf binnen tien jaar na de laatste begraving (artikel 31 Wet op de lijkbezorging).

Dit zijn de hoofdregels. Daarnaast bevatten de wet en het besluit technische regels, zoals het registratienummer op de kist en de diepte van het graf, maar over het afscheid zelf schrijft de wet weinig voor. Dat betekent niet dat er verder geen regels zijn: de begraafplaats en de gemeente hebben hun eigen reglement, en daarover leest u verderop meer. Wie het lijstje naast de eigen plannen legt, ziet meestal snel dat er veel meer ruimte is dan gedacht. Een afscheid thuis, een eigen spreker of een kleine kring: het past allemaal binnen de wet.

Stap voor stap

Welke papieren nodig zijn voor een begrafenis

Voor een begrafenis zijn drie stukken nodig: een verklaring van overlijden, een akte van overlijden na de aangifte bij de gemeente en een verlof tot begraven; op de kist komt daarnaast een registratienummer dat de begraafplaats controleert.

De papieren lijken veel, maar ze volgen een vaste volgorde. In de praktijk neemt de uitvaartverzorger de meeste stappen over, ook de aangifte, als u daar toestemming voor geeft. Regelt u de begrafenis zelf, dan doet u deze stappen zelf, met de gemeente als vaste aanspreekpartij. Hoe dat praktisch gaat, staat op een begrafenis zelf regelen. Bewaar alle stukken samen, want de begraafplaats, de verzekeraar en later de notaris vragen er vaak naar.

01

De arts geeft een verklaring van overlijden

Na het overlijden schouwt de behandelend arts of de gemeentelijke lijkschouwer het lichaam. Is de arts ervan overtuigd dat de dood een natuurlijke oorzaak heeft, dan geeft hij volgens artikel 7 van de Wet op de lijkbezorging een verklaring van overlijden af.

02

Het overlijden wordt aangegeven bij de gemeente

Het overlijden wordt aangegeven bij de gemeente waar iemand is overleden; die gemeente maakt de akte van overlijden op. Volgens artikel 19h van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek kan de aangever degene die de uitvaart regelt machtigen om de aangifte te doen, in de praktijk vaak de uitvaartverzorger.

03

De gemeente geeft verlof tot begraven

Met de verklaring van overlijden geeft de ambtenaar van de burgerlijke stand schriftelijk en kosteloos verlof tot begraven. Zonder dat verlof vindt volgens artikel 11 van de Wet op de lijkbezorging geen begrafenis plaats.

04

De begraafplaats controleert het registratienummer

Op de kist of het omhulsel komt een registratienummer dat overeenkomt met een bijgevoegd document met de gegevens van de overledene. Volgens artikel 8 van de Wet op de lijkbezorging begraaft de begraafplaats pas als die nummers kloppen.

Was het overlijden mogelijk niet natuurlijk, bijvoorbeeld na een ongeval, dan geeft de arts geen verklaring van overlijden af. De ambtenaar van de burgerlijke stand geeft dan pas verlof na een verklaring van geen bezwaar van de officier van justitie (artikel 12 Wet op de lijkbezorging). Meer daarover op overlijden na een ongeval of een niet-natuurlijke dood.
Waar u begraaft

Begraven mag alleen op een begraafplaats

Volgens artikel 23 van de Wet op de lijkbezorging gebeurt een begraving op een begraafplaats; begraven op eigen grond kan alleen als die grond een bijzondere begraafplaats wordt: de gemeenteraad moet de grond aanwijzen en burgemeester en wethouders moeten toestemming geven.

De Wet op de lijkbezorging onderscheidt gemeentelijke en bijzondere begraafplaatsen. Bijzondere begraafplaatsen zijn bijvoorbeeld kerkelijke begraafplaatsen en particuliere natuurbegraafplaatsen. Volgens artikel 33 van de Wet op de lijkbezorging heeft elke gemeente, alleen of samen met andere gemeenten, minstens één gemeentelijke begraafplaats, tenzij de provincie tijdelijk ontheffing heeft gegeven. U kiest in principe zelf op welke begraafplaats u begraaft, binnen de voorwaarden van die begraafplaats; de tarieven verschillen per gemeente. Op de begraafplaats is er een algemeen graf, waarbij de begraafplaats bepaalt wie er nog meer in komt, of een particulier graf, waarbij de rechthebbende dat bepaalt; zo staat het in artikel 23 van de Wet op de lijkbezorging. Welke graven er zijn en hoe u kiest, leest u op een begraafplaats kiezen. Zoekt u een plek in de natuur, kijk dan ook bij natuurbegraven in Nederland.

Begraven in de eigen tuin of op eigen land

Wil iemand in de eigen tuin of op eigen land begraven worden, dan ligt dat lastiger. De Wet op de lijkbezorging staat toe dat een particulier een bijzondere begraafplaats aanlegt (artikel 37), maar dan moet de gemeenteraad de grond daarvoor hebben aangewezen (artikel 40) en moeten burgemeester en wethouders toestemming geven om de begraafplaats in gebruik te nemen (artikel 41). Daarbij gelden de inrichtingseisen van elke begraafplaats, zoals een afstand van minstens een meter tussen het graf en de erfscheiding (artikel 6 Besluit op de lijkbezorging). Zo'n procedure kost veel tijd, terwijl de begrafenis uiterlijk op de zesde werkdag moet plaatsvinden. In de praktijk is begraven in de eigen tuin daardoor zelden haalbaar na een overlijden. Wie het echt wil, bespreekt het ruim van tevoren met de gemeente en legt de wens vast.

Kist of omhulsel

Kist of omhulsel: wat de regels vragen

Een kist is niet verplicht: volgens artikel 3 van het Besluit op de lijkbezorging mag begraven ook zonder kist, als het lichaam in een ander omhulsel ligt dat op begraven is afgestemd, zoals een lijkwade.

Het Besluit op de lijkbezorging werkt de wet uit en bevat de praktische regels voor het graf. Artikel 3 daarvan zegt dat een lijk in een kist wordt begraven, maar dat het ook zonder kist mag, mits het lichaam in een ander omhulsel ligt. Dat omhulsel kan een lijkwade zijn, een wollen of katoenen doek, of een mand van wilgentenen. Artikel 4 van hetzelfde besluit eist dat een kist of omhulsel is gemaakt van biologisch afbreekbare materialen. Alleen handvatten en ornamenten die van buitenaf te verwijderen zijn, en verbindingen zoals lijm, spijkers en schroeven, vallen daarbuiten. Een begraafplaats kan aanvullende eisen stellen, bijvoorbeeld een plank of draagbaar onder een lijkwade, zodat het lichaam veilig kan worden neergelaten. Vraag dat vooraf na bij de begraafplaats die u kiest.

Ook de diepte is landelijk geregeld: boven de kist of het omhulsel ligt minstens vijfenzestig centimeter grond (artikel 5 Besluit op de lijkbezorging). Meer over een afscheid zonder kist leest u op zonder kist begraven of cremeren. Wie zelf een kist wil maken, vindt de maten en eisen op een doodskist zelf maken.

Minstens tien jaar

Grafrust: hoe lang een graf minimaal blijft

Een graf wordt volgens artikel 31 van de Wet op de lijkbezorging niet geruimd binnen tien jaar na de laatste begraving, en een recht op een particulier graf geldt volgens artikel 28 van dezelfde wet voor onbepaalde tijd of voor minstens tien jaar.

Grafrust betekent dat een graf een vaste periode ongestoord blijft. De wet legt die ondergrens op tien jaar: pas daarna mag de beheerder van de begraafplaats een graf ruimen, en bij een particulier graf alleen met toestemming van de rechthebbende. Komt er later iemand bij in hetzelfde graf, dan telt de tien jaar opnieuw vanaf die laatste begraving. Bij een algemeen graf is tien jaar meestal ook de looptijd; daarna kan de begraafplaats het graf ruimen, en verlengen is doorgaans niet mogelijk. Bij een particulier graf krijgt u een uitsluitend recht voor een vaste termijn of voor onbepaalde tijd; hoe lang, staat in de beheersverordening of het reglement van de begraafplaats. Volgens artikel 28 van de Wet op de lijkbezorging wordt dat recht telkens verlengd als u daar binnen twee jaar voor het einde van de termijn om vraagt; de houder van de begraafplaats kan bepalen dat een verlenging minstens vijf en hoogstens twintig jaar duurt. Is uw adres bekend, dan stuurt de begraafplaats u daar vooraf een brief over. Hoe verlengen en ruimen gaan, leest u op grafrechten verlengen of een graf laten ruimen; hoe lang een graf in de praktijk blijft liggen, op hoe lang een graf blijft bestaan.

⚜️ ROUWUITVAART.NL

Moet de begrafenis nu geregeld worden?

Belt u, dan wordt u doorverbonden met het team van onze vaste uitvaartpartner, dat uw vragen beantwoordt en, als u dat wilt, de uitvaart in gang zet.

Uw eigen keuze

Wat u bij een begrafenis vrij mag kiezen

Een uitvaartondernemer is niet verplicht, en ook het vervoer, het dragen, de ceremonie, de muziek, de kleding en de plek van het afscheid kiest u zelf, zolang u zich houdt aan de termijn, de papieren en de regels van de begraafplaats.

De Wet op de lijkbezorging zegt niets over wie de begrafenis uitvoert. U mag een uitvaartverzorger inschakelen, maar u mag het ook helemaal of gedeeltelijk zelf doen. De wet spreekt alleen over degene die in de lijkbezorging voorziet (artikel 18 Wet op de lijkbezorging), en dat kan een familielid of een vriend zijn. Binnen Nederland is een rouwauto niet voorgeschreven: de overledene mag in een eigen, geschikte auto worden vervoerd, als het lichaam waardig en veilig ligt. Is het overlijden mogelijk niet natuurlijk, dan mag het lichaam volgens artikel 76 van de Wet op de lijkbezorging alleen met verlof van de officier van justitie worden vervoerd. De dragers mogen familieleden of vrienden zijn. Over de ceremonie zegt de wet niets: een kerkdienst, een dienst in een aula, een afscheid thuis of alleen een moment bij het graf is allemaal mogelijk. Hetzelfde geldt voor muziek, sprekers, kleding en bloemen.

Vrij betekent niet dat alles zonder overleg kan. De begraafplaats bepaalt bijvoorbeeld hoe laat er begraven wordt, of u zelf het graf mag helpen dichtmaken en welke grafmonumenten zijn toegestaan. Kiest u een uitvaartverzorger, dan regelt die doorgaans het overleg met de begraafplaats en de gemeente. Hoe u een begrafenis zelf organiseert, leest u op een begrafenis zelf regelen, en wat er komt kijken bij eigen vervoer op een overledene zelf vervoeren. Het verschil tussen de begrippen leest u op het verschil tussen een begrafenisondernemer en een uitvaartverzorger.

Gasten

Met hoeveel mensen mag je bij een begrafenis zijn?

Er is geen landelijke regel voor het aantal mensen bij een begrafenis; het maximum hangt af van de ruimte die u kiest, zoals de aula, de kerk of de zaal, en van de huisregels van de begraafplaats.

De Wet op de lijkbezorging zegt niets over het aantal gasten. In de praktijk bepaalt de ruimte het: een aula of kerk heeft een maximaal aantal plaatsen, dat volgt uit de veiligheidsregels van het gebouw. Komen er meer mensen dan er plaatsen zijn, dan kan een deel staan of buiten meeluisteren via een geluidsinstallatie, als de locatie dat aanbiedt. Op de begraafplaats zelf is de ruimte rond het graf vaak beperkt; sommige begraafplaatsen vragen bij een grote groep om dat vooraf te melden, zodat er genoeg parkeerplek en begeleiding is. Wilt u juist een klein afscheid, dan mag dat ook: een begrafenis met alleen de naaste familie, of zelfs zonder nabestaanden, is wettelijk net zo goed toegestaan. Bij een stille begrafenis is er geen dienst en gaat het afscheid in kleine kring. Geef het verwachte aantal gasten altijd door aan de uitvaartverzorger of de beheerder, zodat de juiste ruimte wordt gereserveerd.

Wensen

Wie beslist over de begrafenis?

Volgens artikel 18 van de Wet op de lijkbezorging gebeurt de uitvaart volgens de wens of de vermoedelijke wens van de overledene; wie de uitvaart regelt, voert die wens uit, tenzij dat redelijkerwijs niet van hem of haar kan worden gevraagd.

De wet kiest duidelijk voor de overledene zelf. Volgens artikel 19 van de Wet op de lijkbezorging kan iedereen van zestien jaar of ouder vastleggen wat er met zijn of haar lichaam moet gebeuren, bij de notaris of in een eigenhandig geschreven, gedateerde en ondertekende verklaring. Daar is geen testament voor nodig. Heeft de overledene niets vastgelegd, dan gaat het om de vermoedelijke wens: wat zou hij of zij gewild hebben? De wet legt de uitvoering bij degene die het verlof tot begraven vraagt, of bij wie redelijkerwijs diens plaats inneemt (artikel 18 Wet op de lijkbezorging). Meestal zijn dat de partner of de kinderen, maar de wet kent geen vaste volgorde van familieleden. Zijn nabestaanden het onderling oneens, bijvoorbeeld over begraven of cremeren, dan kan een van hen de rechter vragen te beslissen, bij haast vaak in kort geding; de rechter kijkt dan vooral naar wat de overledene wilde of vermoedelijk wilde, de maatstaf van artikel 18 van de Wet op de lijkbezorging (tenzij dat redelijkerwijs niet gevergd kan worden). Regelt niemand de uitvaart, dan zorgt de burgemeester ervoor (artikel 21 Wet op de lijkbezorging).

Wilt u voorkomen dat uw familie moet raden, leg dan zelf vast wat u wilt. Uw wensen voor het afscheid kunt u noteren met uw laatste wensen op papier; wilt u dat uw keuze voor begraven of cremeren ook wettelijk vastligt, schrijf die dan met de hand, met datum en handtekening, of leg haar vast bij de notaris (artikel 19 Wet op de lijkbezorging). Over de rol van een testament leest u meer op testament en laatste wensen.

Plaatselijke regels

Wat de gemeente en de begraafplaats eisen

Naast de wet heeft elke begraafplaats een eigen beheersverordening of reglement, met regels over begraaftijden, tarieven, grafmonumenten, beplanting en wat de familie zelf mag doen.

Een gemeentelijke begraafplaats werkt met een beheersverordening die de gemeente vaststelt; een kerkelijke of particuliere begraafplaats heeft een eigen reglement. Daarin staan de praktische regels. Volgens artikel 35 van de Wet op de lijkbezorging biedt een gemeentelijke begraafplaats op elke dag die geen zondag of algemeen erkende feestdag is gelegenheid om te begraven, gedurende tijden die de gemeente zelf vastlegt. Op zondag of een feestdag kan begraven soms ook, vaak tegen een toeslag; dat verschilt per gemeente. In het reglement staat ook hoe groot een grafmonument mag zijn, of u bloemen en planten op het graf mag zetten en of de familie zelf mag helpen het graf dicht te maken. Sommige begraafplaatsen staan toe dat de familie de eerste scheppen zand op de kist werpt en laten de rest aan de grafdelvers. De afstand tussen graven is wel landelijk geregeld: minstens dertig centimeter (artikel 5 Besluit op de lijkbezorging). Vraag het reglement op bij de beheerder, of kijk op de website van de gemeente, voordat u keuzes vastlegt.

Overlijdt iemand vlak voor het weekend, lees dan ook een uitvaart regelen in het weekend of op een feestdag. Over de regels voor een grafsteen leest u meer op grafsteen en grafmonument, en over het gebruik bij het graf op zand op de kist gooien.

Vaste prijzen

Wat een begrafenis kost binnen deze regels

Een eenvoudige begrafenis zonder nabestaanden kost in een vaste samenstelling vanaf €3.900, inclusief de aangifte, een eenvoudige kist, het vervoer en een algemeen graf voor circa tien jaar; met een afscheidsdienst is dat €6.000 en uitgebreid €9.400.

De wet bepaalt wat er moet gebeuren, maar niet wat het kost. Grafrechten en begraafkosten verschillen sterk per gemeente, en daar komt het werk van de uitvaartverzorger bij. Via onze vaste uitvaartpartner zijn er drie vaste samenstellingen voor een begrafenis, zonder apart basistarief. De eenvoudige begrafenis van €3.900 omvat een telefonisch gesprek, de aangifte, een eenvoudige kist, het mortuarium tot vijf dagen, het vervoer en een algemeen graf voor circa tien jaar; de begrafenis gebeurt dan zonder nabestaanden. Bij deze samenstelling kiest de uitvaartpartner de begraafplaats; omdat tarieven per begraafplaats verschillen, kan er een toeslag bijkomen. Een particulier graf en grafrechten na de eerste tien jaar zitten er niet bij. De begrafenis met afscheidsdienst kost €6.000 en voegt onder meer de verzorging, de opbaring, een rouwbus, een aula met condoleance, een rouwstuk en dertig rouwkaarten toe. De uitgebreide begrafenis van €9.400 heeft daarnaast een persoonlijk gesprek, thuisopbaring met koeling, een luxe kist en een luxe rouwauto. Losse wensen kunnen erbij. Alle samenstellingen naast elkaar ziet u op wat een uitvaart kost: voorbeelden; meer over de kosten van begraven op wat een begrafenis kost.

Wetsvoorstel

Nieuwe wet: de Wet bestemming lichamen overledenen

De Wet bestemming lichamen overledenen is een wetsvoorstel dat de Wet op de lijkbezorging moet vervangen en onder meer resomeren mogelijk maakt; het voorstel is voor advies naar de Raad van State gestuurd en is nog geen wet.

Volgens de Rijksoverheid is de huidige Wet op de lijkbezorging toe aan modernisering. Het kabinet heeft daarom een nieuwe wet voorgesteld, de Wet bestemming lichamen overledenen, en die voor advies naar de Raad van State gestuurd. Volgens de Rijksoverheid geeft het voorstel meer mogelijkheden voor wat er met een lichaam gebeurt. De belangrijkste voorgestelde verandering is dat resomeren wordt toegestaan: het lichaam wordt dan in een basische vloeistof ontbonden. Ook wordt het volgens het voorstel mogelijk om twee overledenen samen in één kist te begraven of te cremeren, en om bij een begrafenis een asbus in dezelfde kist bij te zetten. Ook moet volgens de Rijksoverheid de procedure om binnen 24 uur na het overlijden te begraven eenvoudiger worden. Daarnaast bevat het voorstel maatregelen om beter vast te stellen waaraan en onder welke omstandigheden iemand is overleden.

Voor wie nu een begrafenis regelt, verandert er nog niets: zolang het voorstel geen wet is, gelden de regels op deze pagina. Na het advies van de Raad van State moet het voorstel nog door de Tweede Kamer en de Eerste Kamer. Wanneer de nieuwe wet ingaat, is nog niet bekend. Resomeren is in Nederland dus nog niet toegestaan; wat het is en hoe het werkt, leest u op resomeren. Voor families die volgens hun geloof snel begraven, blijft voorlopig de huidige termijnregel gelden; zie de islamitische begrafenis met spoed.

Veelgestelde vragen over de regels bij een begrafenis

Volgens artikel 16 van de Wet op de lijkbezorging vindt een begrafenis niet eerder plaats dan 36 uur na het overlijden en uiterlijk op de zesde werkdag. Volgens de Rijksoverheid tellen het weekend en erkende feestdagen niet als werkdag. De burgemeester kan na het horen van een arts uitstel geven. Lees meer over binnen hoeveel dagen een uitvaart moet zijn.

Nee. De Wet op de lijkbezorging schrijft geen uitvaartondernemer voor; familie of vrienden mogen de begrafenis zelf regelen. Wel moeten de verplichte stappen gebeuren: de verklaring van overlijden, de aangifte bij de gemeente, het verlof tot begraven en de afspraken met de begraafplaats, binnen de wettelijke termijn. Veel mensen laten dat door een uitvaartverzorger doen.

Nee. Volgens artikel 3 van het Besluit op de lijkbezorging mag begraven ook zonder kist, als het lichaam in een ander omhulsel ligt dat op begraven is afgestemd, zoals een lijkwade. Kist en omhulsel moeten van biologisch afbreekbaar materiaal zijn. Een begraafplaats kan extra eisen stellen, bijvoorbeeld een plank of draagbaar onder een lijkwade.

Alleen in uitzonderlijke gevallen. Volgens artikel 23 van de Wet op de lijkbezorging gebeurt begraven op een begraafplaats. Eigen grond kan een bijzondere begraafplaats worden, maar dan moet de gemeenteraad de grond hebben aangewezen en moeten burgemeester en wethouders toestemming geven. Dat kost veel tijd en lukt zelden binnen de wettelijke termijn van zes werkdagen.

Dan geldt volgens artikel 18 van de Wet op de lijkbezorging de vermoedelijke wens van de overledene: wat zou hij of zij gewild hebben? Degene die de uitvaart regelt, meestal de partner of een kind, voert die wens uit. De wet kent geen vaste volgorde van familieleden. Komen nabestaanden er niet uit, dan kan de rechter op verzoek beslissen.

Een verklaring van overlijden van de arts of de gemeentelijke lijkschouwer, een akte van overlijden die de gemeente opmaakt na de aangifte, en een schriftelijk verlof tot begraven van de ambtenaar van de burgerlijke stand. Op de kist komt een registratienummer dat de begraafplaats controleert. De uitvaartverzorger regelt deze stukken meestal voor u.

Er is geen landelijke regel voor het aantal mensen bij een begrafenis. Het maximum hangt af van de ruimte: een aula, kerk of zaal heeft een vast aantal plaatsen, en de begraafplaats kan eigen huisregels hebben. Geef het verwachte aantal gasten vooraf door, zodat er een passende ruimte wordt gereserveerd. Een klein afscheid mag net zo goed.

Op zaterdag kan het op een gemeentelijke begraafplaats: volgens artikel 35 van de Wet op de lijkbezorging biedt die ten minste elke dag behalve zondag en algemeen erkende feestdagen gelegenheid om te begraven. Op zondag of een feestdag, en op andere begraafplaatsen, beslist het reglement. Lees meer over een uitvaart regelen in het weekend of op een feestdag.

Minimaal tien jaar. Volgens artikel 31 van de Wet op de lijkbezorging wordt een graf niet geruimd binnen tien jaar na de laatste begraving daarin. Een algemeen graf blijft meestal precies die tien jaar. Een recht op een particulier graf geldt volgens artikel 28 van dezelfde wet voor onbepaalde tijd of minstens tien jaar en kan worden verlengd.

De kist dragen mag: de wet schrijft geen beroepsdragers voor, dus familie of vrienden kunnen dat zelf doen. Of u ook het graf mag helpen dichtmaken, bepaalt de begraafplaats in het eigen reglement. Op sommige begraafplaatsen mag de familie de eerste scheppen zand op de kist werpen en doen de grafdelvers de rest. Vraag het vooraf na.

Het is een wetsvoorstel dat de Wet op de lijkbezorging moet vervangen. Volgens de Rijksoverheid maakt het voorstel resomeren mogelijk, net als twee overledenen samen in één kist en een asbus bij een begrafenis in dezelfde kist. Het voorstel is voor advies naar de Raad van State gestuurd; tot een nieuwe wet ingaat, gelden de huidige regels.

Belt u 085-0048099, dan wordt u doorverbonden met het team van onze vaste uitvaartpartner. Dat team beantwoordt uw vragen en zet, als u dat wilt, de begrafenis in gang bij een uitvaartverzorger bij u in de buurt. Een eenvoudige begrafenis zonder nabestaanden kost in een vaste samenstelling vanaf €3.900, inclusief een algemeen graf; per begraafplaats kan een toeslag gelden.

Inhoud gecontroleerd door de redactie van RouwUitvaart.nl, op basis van de Wet op de lijkbezorging, het Besluit op de lijkbezorging en het Burgerlijk Wetboek
⚜️ ROUWUITVAART.NL

Een begrafenis regelen binnen de regels?

Het team van onze vaste uitvaartpartner beantwoordt uw vragen en zet, als u dat wilt, de uitvaart in gang bij een uitvaartverzorger bij u in de buurt. Vaste samenstellingen voor een begrafenis beginnen vanaf €3.900.