Een naaste is overleden in detentie — wat nu?
Overlijdt iemand in een gevangenis, huis van bewaring, tbs-kliniek of vreemdelingenbewaring, dan regelen de nabestaanden de uitvaart — precies zoals bij elk ander overlijden. U kiest zelf de uitvaartondernemer; de inrichting heeft daarover geen zeggenschap. Het lichaam wordt pas overgedragen nadat het overlijden is onderzocht: bij een niet-natuurlijke dood schakelt de gemeentelijke lijkschouwer de officier van justitie in, en pas met diens toestemming mag het lichaam worden overgebracht. Zolang dat duurt, wordt het lichaam gekoeld bewaard. Elk overlijden in een justitiële inrichting wordt door DJI gemeld bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid, en onderzocht door de calamiteitenonderzoekscommissie (CALOC). Een crematie kost gemiddeld € 7.000 tot € 9.500, een begrafenis € 9.000 tot € 12.000; had de overledene een uitvaartverzekering, dan keert die uit, en neemt niemand de uitvaart op zich, dan verzorgt de gemeente de lijkbezorging.
- Wie regelt de uitvaart? De nabestaanden. U kiest vrij een uitvaartondernemer.
- Wanneer komt het lichaam vrij? Bij een natuurlijke dood vaak binnen een dag; bij een niet-natuurlijke dood pas na toestemming van de officier van justitie.
- Wordt het lichaam gekoeld? Ja — zolang het onderzoek loopt door de instantie zelf, daarna door uw uitvaartondernemer.
- Welk onderzoek volgt? Melding bij IGJ en Inspectie JenV, onderzoek door de CALOC, bij niet-natuurlijk overlijden ook politieonderzoek.
- Wat kost het? Een crematie kost gemiddeld € 7.000 tot € 9.500, een begrafenis € 9.000 tot € 12.000.
- Wie betaalt? De uitvaartverzekering, anders de nalatenschap of de nabestaanden; bij onvoldoende middelen kunt u bijzondere bijstand aanvragen.
- Vragen over de omstandigheden? Eerst de directeur van de inrichting, daarna eventueel de Nationale ombudsman.
Het overlijden van een familielid in detentie treft nabestaanden vrijwel altijd onvoorbereid. U was er niet bij, u hoort het via een telefoontje, en de informatie die u krijgt is in het begin beperkt omdat er nog onderzoek loopt. Tegelijk moet er van alles worden geregeld: een uitvaartondernemer, de papieren, de opbaring, de bezittingen.
Op deze pagina leest u wat er praktisch gebeurt na een overlijden in een Nederlandse justitiële inrichting, wanneer u het lichaam kunt laten overbrengen, hoe u de uitvaart regelt, wat het kost en waar u met vragen over de omstandigheden terechtkunt. Bel 06-45100608 om een zelfstandige uitvaartondernemer bij u in de buurt te vinden — die belt u meestal binnen 30 minuten terug en neemt het contact met de inrichting van u over; lukt dat niet, dan vragen wij u of een halfuurtje extra schikt — en anders schakelen wij een andere ondernemer in.
Hoe wordt u als nabestaande geïnformeerd?
Wanneer een gedetineerde overlijdt, stelt de inrichting de contactpersoon in kennis die de gedetineerde bij binnenkomst heeft opgegeven.
In de praktijk is dat meestal de partner, een ouder of een kind. Bij een niet-natuurlijk overlijden is het vaak de politie die de familie het bericht brengt, omdat de politie op dat moment al onderzoek doet.
De informatie die u in eerste instantie krijgt, is beperkt. De inrichting deelt mee dát er een overlijden heeft plaatsgevonden en om wie het gaat. Over de precieze toedracht is men terughoudend zolang het onderzoek loopt. Dat is standaardprocedure en geen teken dat men iets voor u achterhoudt — maar het is wel frustrerend, en u mag daar navraag naar doen.
Als u niet als contactpersoon geregistreerd stond — en wat u als eerste vraagt
U stond niet als contactpersoon geregistreerd
Het komt regelmatig voor dat een nabestaande niet als contactpersoon in het dossier stond, bijvoorbeeld omdat het contact met de gedetineerde was verwaterd of omdat iemand anders was opgegeven. In dat geval krijgt u niet automatisch bericht. U kunt dan zelf contact opnemen met de inrichting. Wat men u kan vertellen, is beperkt door privacyregels — dat gaat gemakkelijker als u een directe familieband of een erfgenamenpositie kunt aantonen.
Wat kunt u het beste als eerste vragen?
- Wie is mijn vaste contactpersoon binnen de inrichting, en op welk nummer is die bereikbaar?
- Is het overlijden aangemerkt als natuurlijk of niet-natuurlijk?
- Is de officier van justitie ingeschakeld, en zo ja: bij welk parket?
- Wanneer is de verwachting dat het lichaam kan worden overgedragen aan een uitvaartondernemer?
- Wordt het lichaam gekoeld bewaard, en waar bevindt het zich op dit moment?
- Waar zijn de persoonlijke bezittingen, en bij wie kan ik daarvoor terecht?
Schrijf de antwoorden op, met datum en naam van degene die u sprak. In de weken erna wordt dat lijstje goud waard — voor uzelf, voor uw uitvaartondernemer en voor een eventuele advocaat.
Wanneer wordt het lichaam vrijgegeven?
Bij een natuurlijk overlijden geeft de behandelend arts de verklaring van overlijden af en kan het lichaam doorgaans binnen een dag worden overgedragen; bij een niet-natuurlijke dood beslist de officier van justitie en duurt het langer.
Dit is voor nabestaanden meestal de belangrijkste vraag: wanneer kan de uitvaartondernemer mijn naaste ophalen? Het antwoord hangt volledig af van de doodsoorzaak.
Is de dood het gevolg van ziekte of ouderdom en heeft de behandelend arts geen twijfel, dan geeft die arts de verklaring van overlijden af. Het lichaam kan dan doorgaans binnen een dag worden overgedragen aan de uitvaartondernemer van uw keuze.
Bij suïcide, een ongeval of geweld — of bij twijfel — schakelt de gemeentelijke lijkschouwer de officier van justitie in. De situatie wordt zoveel mogelijk ongewijzigd gelaten voor het onderzoek. Het lichaam mag pas worden overgebracht zodra de officier van justitie daarvoor toestemming geeft.
Bij een niet-natuurlijk overlijden kan de vrijgave een paar dagen duren. Wordt er een gerechtelijke sectie (obductie) gelast, dan loopt dat verder op. U kunt de inrichting of het parket om een indicatie van de termijn vragen — een harde toezegging krijgt u zelden, maar een indicatie meestal wel.
Zo wordt het lichaam gekoeld tijdens het wachten
Zolang het lichaam nog niet is vrijgegeven, ligt het niet stil te wachten in de cel of op de afdeling. Het wordt gekoeld bewaard door de instantie die het onder zich heeft — de inrichting zelf, de forensische dienst of het instituut waar de sectie plaatsvindt. Koeling remt de natuurlijke afbraakprocessen en is de reden dat opbaren later meestal gewoon mogelijk blijft, ook als de vrijgave dagen op zich laat wachten.
Zodra de uitvaartondernemer het lichaam overneemt, neemt die de koeling over. Dat kan op twee manieren:
- Thuis opbaren met een koelplaat of koelunit onder de overledene — de uitvaartondernemer plaatst en beheert die apparatuur
- Opbaren in de koelcel of het koelbed van een rouwcentrum, waar de temperatuur constant wordt gehouden
Duurt het traject lang, bijvoorbeeld door een sectie of doordat familie uit het buitenland moet overkomen, dan kan thanatopraxie een optie zijn. Daarmee blijft het lichaam langer toonbaar zonder permanente koeling. Bij repatriëring naar het buitenland is thanatopraxie vaak zelfs een eis van het land van bestemming.
Bekijk de wettelijke termijn en wat u doet bij twijfel over de doodsoorzaak
Welk onderzoek vindt er plaats na een overlijden in detentie?
Elk overlijden in een justitiële inrichting wordt door DJI gemeld bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid, en wordt onderzocht — ook als de dood volstrekt natuurlijk lijkt.
De overheid heeft een bijzondere verantwoordelijkheid voor mensen van wie zij de vrijheid heeft ontnomen. Daarom wordt elk sterfgeval in een justitiële inrichting door DJI gemeld bij twee toezichthouders, en wordt elk overlijden onderzocht — ook als de dood volstrekt natuurlijk lijkt.
Bekijk het onderzoek stap voor stap, van lijkschouw tot inspectierapport
De behandelend arts beoordeelt het overlijden. Is er ook maar enige twijfel over een natuurlijke dood, dan geeft de arts geen verklaring van overlijden af en wordt de gemeentelijke lijkschouwer ingeschakeld. Die schakelt op zijn beurt de officier van justitie in.
De politie doet forensisch onderzoek ter plaatse, legt de situatie vast en hoort getuigen — meestal het personeel dat de overledene het laatst levend heeft gezien. Het doel is vast te stellen of er sprake is van een strafbaar feit. Het lichaam wordt pas afgevoerd met toestemming van de officier van justitie.
DJI meldt elk overlijden in een justitiële inrichting bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en de Inspectie Justitie en Veiligheid. De inspecties beoordelen die melding gezamenlijk: de IGJ kijkt naar de kwaliteit van de geboden zorg, de Inspectie JenV naar de penitentiaire processen, waaronder de toegang tot zorg.
De calamiteitenonderzoekscommissie van DJI (CALOC) onderzoekt het overlijden en rapporteert aan de IGJ. De centrale vraag is of het overlijden voorkomen had kunnen worden en wat er in de zorg beter moet. De CALOC wordt geadviseerd door een medisch adviseur en, afhankelijk van de zaak, een psycholoog of psychiater. Voor het onderzoek en de rapportage wordt doorgaans zo'n acht weken uitgetrokken.
Oordelen de inspecties dat de melding daartoe aanleiding geeft, dan starten zij een eigen incidentonderzoek. Zo'n onderzoek is zwaarder en kan uitmonden in een openbaar rapport met verbeterpunten voor DJI.
Waar kunt u terecht met vragen en klachten?
Uw eerste aanspreekpunt is de directeur van de inrichting, voor vragen over de toedracht en het onderzoek; komt u er met DJI niet uit, dan kunt u een klacht indienen bij de Nationale ombudsman.
Nabestaanden hebben een andere positie dan de gedetineerde zelf had. Dat verschil is belangrijk om te kennen, omdat u anders bij het verkeerde loket aanklopt en kostbare tijd verliest.
Bekijk alle vier de loketten en de veelgemaakte vergissing
Uw eerste aanspreekpunt is de directeur van de inrichting. Daar kunt u terecht met vragen over de toedracht, de laatste levensdagen en het onderzoek. Vraag om een gesprek en zet uw vragen vooraf op papier.
Bent u niet tevreden over de manier waarop DJI met uw klacht of uw vragen omgaat, dan kunt u een klacht indienen bij de Nationale ombudsman. Die behandelt klachten over DJI en is bereikbaar op 0800-33 55 555.
Twijfelt u aan de doodsoorzaak, dan kunt u aangifte doen van een strafbaar feit en om obductie vragen. De officier van justitie beslist of er een gerechtelijke sectie komt. Doe dit zo snel mogelijk.
Bij vermoedens van nalatigheid of bij een langdurig traject is een advocaat gespecialiseerd in penitentiair recht of overheidsaansprakelijkheid de aangewezen weg. Die kan stukken opvragen en de Staat aansprakelijk stellen.
Inzage in het medisch dossier
Als directe nabestaande kunt u inzage vragen in het medisch dossier van de overledene. Dat recht is niet onbeperkt: de arts toetst per geval of er een zwaarwegend belang is en of de overledene daar bij leven bezwaar tegen zou hebben gehad. Dat verzoek richt u aan de medische dienst van de inrichting. Bij weigering kunt u zich tot een advocaat wenden.
De uitvaart zelf: daar gaat de inrichting niet over
Zodra het lichaam is vrijgegeven, is de rol van de inrichting uitgespeeld. U kiest zelf de uitvaartondernemer, de wijze van lijkbezorging, de locatie en de vorm van het afscheid. Er bestaat geen verplichting om een door de inrichting of de overheid aangewezen ondernemer te gebruiken — en die verplichting is er ook nooit geweest. Bel 06-45100608 om een uitvaartondernemer te vinden. Wij vertellen hem vooraf om wat voor situatie het gaat.
De uitvaart regelen stap voor stap
Het regelen van de uitvaart verloopt in grote lijnen als bij elk ander overlijden.
Het verschil zit in het begin: de vrijgave van het lichaam en de overdracht door de inrichting.
- 1Bel een uitvaartondernemer
Doe dit meteen, ook als het lichaam nog niet is vrijgegeven. De uitvaartondernemer neemt contact op met de inrichting en zo nodig met het parket over de overdracht, houdt de wettelijke termijn in de gaten en vraagt uitstel aan als dat nodig is. Dat scheelt u telefoontjes op het slechtst denkbare moment. Bel 06-45100608 — wij verwijzen u door naar een zelfstandige uitvaartondernemer in uw regio, die u meestal binnen 30 minuten terugbelt; lukt dat niet, dan vragen wij u of een halfuurtje extra schikt — en anders schakelen wij een andere ondernemer in.
- 2Wacht op de vrijgave van het lichaam
Bij een natuurlijke dood gaat dat vaak snel. Bij een niet-natuurlijke dood mag het lichaam pas worden overgebracht met toestemming van de officier van justitie. Uw uitvaartondernemer houdt hierover contact en laat u weten zodra er groen licht is. Zolang het wachten duurt, wordt het lichaam gekoeld bewaard.
- 3Geef aan of u obductie wilt
Twijfelt u aan de doodsoorzaak, laat dat dan onmiddellijk weten aan de inrichting en aan de politie. U kunt om obductie vragen en aangifte doen. Hoe langer u wacht, hoe lastiger het wordt: camerabeelden worden vaak maar enkele dagen bewaard.
- 4De papieren en het verlof
De arts of de gemeentelijke lijkschouwer maakt de verklaring van overlijden op. De gemeente geeft op basis daarvan het verlof tot begraven of cremeren af. Uw uitvaartondernemer doet de aangifte van overlijden bij de burgerlijke stand en regelt het verlof. Vraag meteen om meerdere uittreksels van de overlijdensakte (€ 17,80 per stuk) — u heeft ze nodig voor bank, verzekeraar en instanties.
- 5Opbaring en afscheid
Na de overdracht bepaalt u zelf waar uw naaste wordt opgebaard — thuis of in een rouwcentrum — en hoe het afscheid eruitziet. De inrichting heeft hierover niets te zeggen. Is het lichaam beschadigd, dan kan een uitvaartverzorger met ervaring in postmortale verzorging beoordelen wat er mogelijk is.
- 6Bezittingen en nalatenschap
Neem contact op met de administratie van de inrichting over de persoonlijke bezittingen en het saldo op de rekening-courant. Die vallen in de nalatenschap. Waren er schulden of openstaande boetes, laat u dan voorlichten door een notaris voordat u de erfenis zuiver aanvaardt — beneficiair aanvaarden beschermt u tegen schulden van de overledene.
Eén telefoontje, en het loopt
In deze situatie heeft u geen behoefte aan een offertevergelijking. U wilt iemand die weet hoe de overdracht vanuit een justitiële inrichting werkt en die het overneemt.
Dag en nacht bereikbaar
Een overlijden in detentie houdt geen kantooruren aan. Wij nemen op — 's nachts, in het weekend en op feestdagen — en zetten de eerste stap voor u in gang.
Zelfstandige ondernemers
Wij verwijzen u door naar een zelfstandige uitvaartondernemer bij u in de regio, niet naar een keten. Eén vast gezicht dat de overdracht en de papieren met de inrichting afstemt.
Zonder oordeel
Wat er is gebeurd, doet er voor ons niet toe. U regelt een uitvaart voor iemand die u kende, en dat is het enige dat telt aan de telefoon.
Wie betaalt de uitvaart na een overlijden in detentie?
De rekening komt ten laste van de nabestaanden of van de nalatenschap — de inrichting en de Staat betalen de uitvaart niet, ook niet als iemand tijdens zijn straf is overleden.
De kosten zijn gelijk aan die van elke andere uitvaart. De inrichting of de Staat betaalt de uitvaart niet — ook niet als iemand tijdens zijn straf is overleden. De rekening komt ten laste van de nabestaanden of van de nalatenschap.
Gemiddeld tussen de € 7.000 en € 9.500, afhankelijk van de kist, het aantal genodigden, de locatie en de mate van ceremonie.
Gemiddeld tussen de € 9.000 en € 12.000. De grafrechten van de gemeente zijn hierin de grootste variabele.
Een crematie zonder plechtigheid is aanzienlijk goedkoper dan een uitvaart met ceremonie. Een keuze die in deze situatie vaker wordt gemaakt dan u denkt.
Bekijk per situatie wie de rekening betaalt en wat u kunt doen
| Situatie | Wie betaalt? | Wat kunt u doen? |
|---|---|---|
| Er is een uitvaartverzekering | De verzekeraar keert uit | Is de polis onvindbaar? Doe een zoekopdracht via het Verbond van Verzekeraars |
| Er is een nalatenschap | Ten laste van de nalatenschap | De uitvaartkosten zijn een schuld van de nalatenschap en gaan vóór andere schuldeisers |
| Geen verzekering, geen nalatenschap | De nabestaanden, of de gemeente na aanvraag | Vraag bijzondere bijstand aan bij de gemeente — dit is een kan-bepaling, geen automatisch recht |
| Niemand neemt de uitvaart op zich | De gemeente van overlijden | De gemeente verzorgt de lijkbezorging en kan de kosten verhalen op de erfgenamen |
| Vermoeden van nalatigheid | Mogelijk de Staat, via een civiele procedure | Schakel een advocaat overheidsaansprakelijkheid in; dit is een langdurig en onzeker traject |
Benieuwd wat een uitvaart kost? Bekijk daar alle prijzen per onderdeel, of neem zes uitgerekende samenstellingen door.
Verschilt de procedure per inrichting?
De basisprocedure is overal hetzelfde: melding aan de inspecties, onderzoek, vrijgave, en daarna regelen de nabestaanden de uitvaart.
De verschillen zitten in de details.
Bekijk de procedure per type inrichting
De standaardprocedure. De inrichting meldt het overlijden bij DJI en de inspecties, de CALOC onderzoekt, en na vrijgave draagt de inrichting het lichaam over aan de uitvaartondernemer van uw keuze.
Dezelfde procedure. Uw naaste was nog niet veroordeeld en gold juridisch als onschuldig. Voor de uitvaart maakt dat geen verschil; voor de beleving van nabestaanden vaak wel — dat is een van de zwaarste vormen van dit verlies.
Ook forensisch psychiatrische centra melden elk overlijden bij de IGJ. Omdat het om een zorginstelling gaat, is de IGJ hier doorgaans de primaire toezichthouder en kijkt zij nadrukkelijk naar de kwaliteit van de geleverde zorg.
Ook een detentiecentrum meldt elk overlijden. Wonen de nabestaanden in het buitenland of is een uitvaart in het land van herkomst gewenst, dan is repatriëring mogelijk. Daarvoor zijn een laissez-passer, een gewaarmerkte overlijdensakte en een zinken binnenkist nodig.
Opbaring en afscheid nemen
Zodra het lichaam is overgedragen aan de uitvaartondernemer, kiest u waar uw naaste wordt opgebaard: thuis, in een rouwcentrum, of ergens anders.
Er is geen enkele beperking vanuit de inrichting.
Voor veel nabestaanden is dit het eerste moment sinds lange tijd dat zij hun naaste in alle rust kunnen zien — soms na jaren van bezoekuren achter glas of onder toezicht. Dat maakt de opbaring in deze situatie vaak zwaarder beladen dan bij een gewoon overlijden.
Als het lichaam beschadigd is — wat er mogelijk blijft
Als het lichaam beschadigd is
Bij overlijden door suïcide of geweld kan het lichaam zichtbaar letsel hebben. Een uitvaartverzorger met ervaring in postmortale verzorging of restauratie kan beoordelen wat er mogelijk is en wat een realistisch beeld is van wat u zult zien. Ook na obductie is opbaren doorgaans gewoon mogelijk. De uitvaartondernemer bespreekt dit met u voordat u een besluit neemt.
Hoe langer het duurt voordat het lichaam wordt vrijgegeven, hoe belangrijker de koeling wordt voor wat er straks bij de opbaring mogelijk is. Een uitvaartondernemer die op tijd is ingeschakeld, kan hierover met de inrichting overleggen en tijdig de juiste voorzieningen treffen.
Rouw na een overlijden in detentie
Rouw na een overlijden in detentie is zelden enkelvoudig: verdriet gaat vaak samen met woede, schaamte, schuldgevoel en soms opluchting, terwijl de omgeving niet goed weet hoe zij moet reageren.
De rouw om iemand die in detentie is overleden, is zelden enkelvoudig. Er is verdriet om het verlies, maar vaak ook woede over de omstandigheden, schaamte, schuldgevoel over een relatie die was verwaterd — en soms opluchting, die op haar beurt weer schuldgevoel oproept. Al die gevoelens tegelijk, en ze spreken elkaar tegen.
Daar komt bij dat de omgeving vaak niet weet hoe te reageren. Een overlijden in de gevangenis is geen verlies waarover mensen gemakkelijk condoleren. Dat isolement is een herkenbaar patroon en het is geen teken dat er iets mis is met u.
Bekijk waar u ondersteuning kunt vinden
Waar u ondersteuning kunt vinden
- De huisarts — het meest laagdrempelige eerste aanspreekpunt en de route naar verdere hulp
- Een rouwtherapeut of rouwbegeleider met ervaring in gecompliceerde rouw
- Slachtofferhulp Nederland, ook voor nabestaanden in complexe of onduidelijke omstandigheden
- Bij suïcide: 113 Zelfmoordpreventie biedt nabestaandenondersteuning
- Lotgenotencontact met andere nabestaanden in vergelijkbare situaties
Wij verwijzen alleen door voor het regelen van de uitvaart; voor rouwbegeleiding kunt u terecht bij de partijen hierboven of via de pagina's hieronder.
Vragen over overlijden in gevangenis of detentie
De nabestaanden regelen de uitvaart, net als bij elk ander overlijden. U kiest zelf een uitvaartondernemer; de inrichting heeft daarover geen zeggenschap. Zijn er geen nabestaanden die de uitvaart op zich nemen, dan verzorgt de gemeente de lijkbezorging op grond van de Wet op de lijkbezorging. Bel 06-45100608 om een uitvaartondernemer in uw regio te vinden.
Dat hangt af van de doodsoorzaak. Bij een natuurlijk overlijden kan het lichaam vaak binnen een dag worden overgedragen. Is de dood niet natuurlijk, dan schakelt de gemeentelijke lijkschouwer de officier van justitie in en mag het lichaam pas worden overgebracht zodra de officier van justitie daarvoor toestemming geeft. Bij politieonderzoek of obductie kan dat enkele dagen of langer duren.
Ja. Zolang het lichaam nog niet is overgedragen, wordt het gekoeld bewaard door de instantie die het onder zich heeft. Zodra de uitvaartondernemer het lichaam overneemt, zorgt die voor verdere koeling: thuis met een koelplaat, of in een koelcel van het rouwcentrum. Duurt het onderzoek lang, dan kan thanatopraxie een optie zijn om het lichaam langer toonbaar te houden. Bel 06-45100608 om een uitvaartondernemer te vinden die dit met u bespreekt.
Ja. De inrichting stelt de contactpersoon in kennis die de gedetineerde bij binnenkomst heeft opgegeven; bij een niet-natuurlijk overlijden informeert vaak de politie de familie. Stond u niet als contactpersoon geregistreerd, dan kunt u zelf contact opnemen met de inrichting via DJI.
Nee. Zodra het lichaam is vrijgegeven, heeft de inrichting geen zeggenschap over de uitvaart. Nabestaanden kiezen vrij hun uitvaartondernemer, de wijze van lijkbezorging en de vorm van het afscheid. Ook de plaats van opbaring, de datum en de invulling van de ceremonie bepaalt u zelf, net als bij elk ander overlijden.
Elk overlijden in een justitiële inrichting wordt door DJI gemeld bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid. DJI laat het onderzoek doen door de calamiteitenonderzoekscommissie (CALOC). Bij een niet-natuurlijk overlijden doet de politie onderzoek onder leiding van de officier van justitie.
Ja. U kunt met vragen terecht bij de directeur van de inrichting. Bent u niet tevreden over de afhandeling door DJI, dan kunt u een klacht indienen bij de Nationale ombudsman, telefonisch bereikbaar op 0800-33 55 555. Het beklagrecht bij de beklagcommissie van de Commissie van Toezicht is een recht van de gedetineerde zelf, niet van nabestaanden.
Ja. Nabestaanden die twijfelen aan de doodsoorzaak kunnen daarom vragen en kunnen aangifte doen van een strafbaar feit. De officier van justitie kan een gerechtelijke sectie gelasten. Doe dit zo snel mogelijk: camerabeelden worden vaak maar enkele dagen bewaard en ook andere sporen kunnen na verloop van tijd verdwijnen. Meld uw twijfel meteen bij de inrichting en de politie.
De kosten zijn gelijk aan die van een reguliere uitvaart. Een crematie kost gemiddeld tussen de 7.000 en 9.500 euro, een begrafenis tussen de 9.000 en 12.000 euro. De kosten komen ten laste van de nabestaanden of van de nalatenschap. Had de overledene een uitvaartverzekering, dan keert die uit.
Is er geen uitvaartverzekering en geen nalatenschap, dan kunt u bij de gemeente bijzondere bijstand aanvragen. Dat is een kan-bepaling: de gemeente beoordeelt uw aanvraag en kan de kosten later verhalen op de erfgenamen. Neemt niemand de uitvaart op zich, dan verzorgt de gemeente de lijkbezorging.
De persoonlijke bezittingen die bij de inrichting waren opgeslagen en het saldo op de rekening-courant vallen in de nalatenschap en worden afgegeven aan de erfgenamen. Neem contact op met de administratie van de inrichting. Zijn er lopende schulden of boetes, laat u dan voorlichten voordat u de erfenis aanvaardt.
Voor de uitvaart maakt dat geen verschil. Ook bij een overlijden in een huis van bewaring wordt het overlijden gemeld bij de inspecties, doet de politie zo nodig onderzoek en regelen de nabestaanden de uitvaart. De juridische status van uw naaste verandert niets aan uw recht om zelf een uitvaartondernemer te kiezen en het afscheid vorm te geven.
Dat kan alleen met incidenteel verlof op humanitaire grond, waarover in beginsel de directeur van de inrichting beslist. Het bijwonen van de uitvaart is wettelijk uitgesloten als bewaking is aangewezen, en kan alleen doorgaan als de nabestaanden geen bezwaar hebben. Het is geen recht en de aanvraag verloopt via de inrichting, niet via de nabestaanden.
Ja, repatriëring van de overledene naar het land van herkomst is mogelijk. Daarvoor zijn een laissez-passer, een gewaarmerkte overlijdensakte en een zinken binnenkist nodig. Een uitvaartondernemer met ervaring in repatriëring regelt dit met de ambassade of het consulaat en met de betrokken luchtvaartmaatschappij. Bel 06-45100608 om zo'n ondernemer in uw regio te vinden.
Ook euthanasie in een justitiële inrichting wordt bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd gemeld. De Regionale Toetsingscommissie Euthanasie beoordeelt of de arts aan de zorgvuldigheidseisen heeft voldaan. Voor de uitvaart geldt daarna hetzelfde: de nabestaanden regelen die en kiezen zelf een uitvaartondernemer.
Pagina's die nu voor u van belang zijn
Een uitvaartondernemer vinden?
Wij zijn dag en nacht bereikbaar en verwijzen u door naar een zelfstandige uitvaartondernemer bij u in de regio. Wij zoeken en koppelen; de ondernemer belt u meestal binnen 30 minuten terug, neemt het contact met de inrichting van u over en voert uit wat u niet zelf doet; lukt dat niet, dan vragen wij u of een halfuurtje extra schikt — en anders schakelen wij een andere ondernemer in.
Was er een uitvaartverzekering — of wilt u er een afsluiten?
Een uitvaartverzekering van de overledene keert gewoon uit, ook bij een overlijden in detentie. Weet u niet of er een polis was? Doorzoek de administratie op oude begrafenispolissen en vraag zo nodig een zoekopdracht aan bij het Verbond van Verzekeraars.
Bekijk de verzekeraars en de voorwaarden voor vrije keuze
Monuta
Waardering 9,3 door nabestaanden, volgens Monuta’s jaarcijfers. De dienstensamenstelling is vastgezet op € 2.500. Kinderen zijn gratis meeverzekerd tot 18 jaar. Tot 49 jaar vaak de goedkoopste van de grote aanbieders.
Monuta uitvaartverzekeringa.s.r.
Bij a.s.r. zijn kinderen gratis meeverzekerd tot 21 jaar. Bij een kapitaalpolis houdt u volledig vrije keuze van uitvaartondernemer — ook in een situatie als deze.
a.s.r. uitvaartverzekering







